Echte Klassieker
Milo Manara is een van de belangrijkste makers van een nieuw soort stripverhaal dat in de tweede helft van de jaren zeventig ontstond. Destijds bedacht ik er de naam striproman voor, intelligente, vaak lange verhalen voor rijpere striplezers waarin volwassen thema’s worden aangekaart. De belangrijkste uitgever van deze boeken was Casterman. De Belgische uitgever die tot dan toe op stripgebied alleen Kuifje en een handjevol strips voor kinderen uitbracht bouwde rond het tijdschrift (A suivre) een heel nieuw fonds op met strips voor volwassen lezers. In het eerste nummer uit februari 1978 stonden de eerste hoofdstukken van lange verhalen van Claude Auclair, Jacques Tardi en Hugo Pratt. Manara komen we voor het eerst tegen in het achtste nummer, hierin gaat H.P. et Giuseppe Bergman van start. Dit verhaal is nu herdrukt onder de titel Venetiaanse avonturen. Manara was in 1977 geen beginneling meer, maar zijn naam was tot dan toe, zeker buiten Italië, nog onbekend. Na zijn studies (architectuur en schilderkunst) begon Manara als tekenaar van fumetti. Fumetti waren een typisch Italiaans verschijnsel, strips op pocketformaat met een beperkt aantal tekeningen per pagina met veel geweld en (na verloop van tijd steeds explicietere) seks. Deze boekjes verschenen ook in Nederlandse vertaling maar zijn vrij zeldzaam geworden. Manara’s bekendste reeks in dit genre was Jolanda. Hij maakte ook enkele stripverhalen voor tijdschriften of direct in boekvorm, altijd geschreven door anderen. Met Giuseppe Bergman wilde Manara zichzelf niet alleen bewijzen als veelzijdig tekenaar maar ook als serieus te nemen verteller van verhalen. Dat leverde een unieke combinatie op van satire en avonturenverhaal.
Tegelijkertijd is het ook een scherpe analyse van de mechanismen van een (avonturen) stripverhaal en mogelijk ook een afrekening met zijn verleden als tekenaar van gewelddadige, seksueel getinte pulpstrips. H.P. waarnaar de oorspronkelijke titel van Venetiaanse avonturenverwijst is natuurlijk Hugo Pratt, de Italiaanse striptekenaar die vooral bekend is van de iconische stripheld Corto Maltese en wiens lange De ballade van de zilte zee een van de eerste Europese stripromans was. Manara bewonderde Pratt omdat hij in navolging van schrijvers zoals Joseph Conrad, Jack London en Rydyard Kipling avontuurlijke verhalen vertelde met diepgang. Waarom, vroeg Manara zich af, is dit type verhalen verdwenen? Was er nog een plaats voor het avontuur in de wereld zoals die er rond 1980 uit zag? Vanuit die gedachte begon hij te werken aan een reis die begint in Venetië. Manara’s alter ego Giuseppe Bergman is een personage dat baalt van zijn saaie bestaan en grootse, meeslepende avonturen wil beleven. Als hij de hoop daarop al bijna heeft opgegeven ontmoet hij een producent die hem in dienst neemt om een groot avontuur te beleven. De producent stuurt hem allereerst naar Venetië waar hij een ontmoeting zal hebben met H.P. een meester van het avontuur. Zo begint een fascinerend verhaal zonder duidelijke plot dat Bergman naar Zuid-Amerika en het Amazonegebied voert. Het avontuur dat Bergman beleeft staat bol van de clichés die bijna iedereen kent die wel eens een pulpstrip leest, het soort pulp dat Manara jarenlang zelf te tekenen kreeg. Er zijn achtervolgingen, een raderboot op een grote rivier, koppensnellers, piranha’s, bloedzuigende vleermuizen. Alles komt voorbij. Tegelijkertijd drijft Manara er de spot mee en maakt hij regelmatig duidelijk, bijvoorbeeld door Bergman rechtstreeks de lezer aan te laten spreken, dat we hier niet zomaar met een avonturenstrip te maken hebben. Manara reflecteert op de rol van auteur en lezer en legt de mechanismen bloot van verlangen en escapisme. Maar hij betoogt ook dat een goed verhaal niet zonder avontuur kan. Erotiek is een deel van dat avontuur, maar ook hier experimenteert en relativeert Manara; bijvoorbeeld door op pagina 27 de lezer als voyeur te betrekken bij de scene die net voorbij is gekomen door Bergman met zijn gezicht naar de lezer te laten vragen: Was die scene sexy of niet? Tot slot nog iets over de rol van de producent in dit verhaal. Bedenk dat Manara het maakte voordat er realityshows bestonden. De manier waarop Bergman wordt gevolgd doet aan reality tv denken. Regelmatig wordt de lezer in de loop van het verhaal duidelijk gemaakt dat hij getuige is van een productie. Daarmee wordt het lezerspubliek medeplichtig gemaakt aan het lot van Giuseppe Bergman. Dit eerste avontuur van Bergman is niet meer zo revolutionair en vernieuwend als veertig jaar geleden maar Manara was zijn tijd vooruit.. Hoewel een jonge lezer anno nu zich wellicht zal verbazen over afgestroopte slipjes en naakte vrouwen in een slachtofferrol, is het in veel andere opzichten niet gedateerd en nog steeds actueel. Niet alleen als verteller maar ook als striptekenaar laat Manara zich van zijn beste kant zien. Door geen vaste locatie te gebruiken maar Bergman te laten reizen kan hij allerlei decors die hij graag tekent afwisselen en grafisch heel mooi werk tonen. Regelmatig verwijst hij daarbij naar werk van zijn grote voorbeeld: Hugo Pratt. Venetiaanse avonturen brengt een echte klassieker weer onder de aandacht.
Uitgeverij Lauwert, 2026; 104 pagina’s; hardcover, zwart-wit; € 26,95 ☺☺☺☺☺ Hans Pols
Bron: https://johpols.blogspot.com/2026/08/echte-klassieker.html
